Financiële kengetallen

Het opnemen van financiële kengetallen in de begroting past in het streven naar meer transparantie. Ook geven de kengetallen meer inzicht in de ontwikkeling van de financiële positie en de baten en lasten van de gemeente. Het biedt ook de mogelijkheid om normen te stellen, net als bij de beoordeling van het weerstandsvermogen gebeurt. We relateren de normering zoveel mogelijk aan normen die door de VNG zijn voorgesteld.

In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is bepaald dat gemeenten een basisset van vijf financiële kengetallen moeten opnemen in de jaarrekening en begroting:

Rekening 2016

Begroting 2017

Begroting 2018

Begroting 2019

Begroting 2020

Begroting 2021

VNG normering

Netto schuldquote

114,7%

131,7%

125,2%

122,3%

121,2%

121,4%

< 90%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen

111,3%

128,9%

121,2%

118,5%

117,0%

116,1%

< 90%

Solvabiliteitsratio

10,7%

9,5%

10,9%

11,6%

12,3%

13,0%

>20%

Structurele exploitatieruimte

3,2%

0,4%

1,0%

2,0%

0,8%

2,1%

>0%

Grondexploitatie

5,3%

4,1%

5,9%

2,7%

1,4%

1,9%

ad 1

Belastingcapaciteit

132,5%

139,7%

135,2%

135,2%

135,2%

135,2%

100%

Ad 1: geen normering, moet in relatie worden gezien met de netto schuldquote

De netto schuldquote geeft inzicht in de ontwikkeling van het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen (schuld/baten-begroting). Hij geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen de quote inclusief en exclusief doorgeleende gelden. Dit maakt inzichtelijk wat het aandeel is van de verstrekte leningen in de exploitatie en daarnaast welke invloed de verstrekte leningen hebben op de schuldenlast.

Hoewel door de gemeenteraad geen kaders zijn vastgesteld, dienen de beide schuldratio’s als hoog te worden gekwalificeerd. De VNG geeft als richtlijn dat een schuldratio van 90% of hoger financiële bijsturing behoeft. Een hoge schuldratio heeft een een-op-eenrelatie met een lage solvabiliteitsratio.

De solvabiliteitsratio drukt het eigen vermogen uit als een percentage van het totale vermogen. Zij geeft daarmee inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. De VNG hanteert als richtlijn een minimum omvang van 20% als norm.

Het kengetal ‘structurele exploitatieruimte’ geeft inzicht in welke mate de structurele lasten van de gemeente gedekt zijn door structurele baten. Dit is van belang om te beoordelen in welke mate de gemeente om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Een positief percentage betekent dat incidentele lasten deels uit structurele middelen worden gedekt. Een negatief percentage betekent dat structurele lasten deels uit incidentele baten worden gedekt. De begroting 2018-2021 van de gemeente Gouda laat zien dat structurele lasten volledig en incidentele lasten deels worden gedekt door structurele baten.

Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe de waarde van de bouwgronden in exploitatie zich verhoudt tot de geraamde baten. De boekwaarde van de gronden is van belang omdat de waarde moet worden terugverdiend uit de grondverkopen. Hoe hoger het kengetal hoe hoger het risico voor de exploitatie indien het terugverdienen onverhoopt niet geheel lukt.

De accountant zal jaarlijks moeten beoordelen in hoeverre de boekwaarde van de bouwgronden in exploitatie kan worden terugverdiend. De boekwaarde van de bouwgronden in exploitatie is ook van invloed op beide schuldquotes en op de solvabiliteitsratio omdat de bouwgronden zijn gefinancierd met vreemd vermogen.

Het kengetal ‘belastingcapaciteit’ geeft weer hoe de belastingdruk zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde van alle gemeenten. De ruimte die een gemeente heeft om belastingen te verhogen wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten voor de burger. Een belastingcapaciteit van 100% betekent dat de woonlasten op het landelijk gemiddelde liggen.

Onder de woonlasten worden verstaan de OZB, rioolheffing en reinigingsheffing voor een woning met een gemiddelde WOZ- waarde in die gemeente. Een percentage boven de 100% betekent dat de woonlasten per huishouden hoger zijn dan het landelijk gemiddelde. Binnen de gemeente Gouda worden de hoge woonlasten enerzijds veroorzaakt door het relatief hoge aanslagbedrag voor OZB op woningen. Anderzijds komt dit door de stijging van de rioolheffing, die nodig is om de financiering van de riolering toekomstbestendig te maken.

Conclusie op basis van de kengetallen

De gemeente Gouda heeft ten opzichte van de VNG-norm een relatief hoge schuldpositie die van invloed is op de omvang van de beide schuldquotes en op de solvabiliteitsratio. De financiering van de grondpositie met vreemd vermogen maakt een belangrijk onderdeel uit van deze schuldpositie. Overigens worden deze investeringen op termijn terugverdiend uit de verkoop van de gronden met als gevolg dat de schuldpositie verbeterd.

De schuldquotes en de solvabiliteitsratio ontwikkelen zich de komende jaren in positieve zin. De structurele exploitatieruimte laat zien dat de structurele lasten (waaronder die samenhangend zijn met de schuldenlast van de gemeente (rente en aflossing)), meerjarig volledig worden gedekt door structurele baten. De woonlasten zijn ten opzichte van het landelijk gemiddelde aan de hoge kant.